De opleiding journalistiek aan de AP Hogeschool in Antwerpen.

Groene straten

De straten kleuren groen in Straatsburg. En nee, dan gaat het niet over de opkomende kerstsfeer met kerstbomen en maretakken. Wel over de groepjes militairen die door de straten patrouilleren. Straatsburg wordt opvallend streng bewaakt. Geeft dit een gevoel van veiligheid of is hier degelijk iets aan de hand?

Ik loop samen met zes andere studenten door de straten van de binnenstad. Peinzend kijk ik om me heen. “Welk onderwerp zou ik nemen voor mijn opdracht cityjournalism?” Hoe dichter we bij hartje stad komen, hoe harder het opvalt; er lopen opvallend veel politie en militairen rond. Het eerste groepje agenten die ik tegen het lijf loop, spreek ik meteen aan. Drie struise bonken staan rond me heen. Ik vraag waarom er zoveel politie en militairen paraderen doorheen de straten. Koeltjes antwoorden ze dat dit een standaardprocedure is gedurende de kerstperiode. Tijdens de kerstmarkt lopen er heel wat zakenrollers rond die ze proberen te vatten. Verder heeft het niets te maken met de terreur van de laatste maanden. “Lopen daarom ook de militairen hier rond?”, vraag ik bedenkelijk. Ze knikken. Voor verdere vragen lijken ze niet direct open te staan daar ze aanstalten maken om te vertrekken. Ik geloof ze niet helemaal. Zoveel militairen voor enkel en alleen wat zakkenrollers op een kerstmarkt? Hier wou ik het niet bij laten. Ik besluit om elke militair die me passeert aan te spreken om zo meer te weten te komen over deze bewaakte stad.

Militairen bewaken de straten van Straatsburg. — by Nathalie Hamaekers
Militairen bewaken de straten van Straatsburg. — by Nathalie Hamaekers

Vooraleer ik mij hier in vastbijt, besluiten we eerst iets te gaan drinken om ons op te warmen. We zetten ons op het terras van een klein cafeetje vlakbij de kathedraal. Zo kan ik de patrouillerende militairen spotten, ik wil er namelijk nog heel wat strikken. Met een warme chocomelk in onze bevende handen brainstormen we over mogelijke vragen voor mijn opdracht. Ik spreek de zaakvoerder even aan over ‘het militair gebeuren'. Ook hij meent dat het te maken heeft met de kerstmarkt. “De militairen gaan vanaf morgen, met de start van de kerstmarkt, pas echt actie ondernemen”, zegt hij. “Er komen overal posten rondom de markt met identiteitscontroles voor iedereen die binnen wil. Ook voor alle zaakvoerders”, zucht hij. “Opmerkelijk, en zeer streng voor zo’n stadje als Straatsburg”, zeggen we al nippend aan onze warme choco. Ineens is iedereen alert als de eerste militairen in aankomst zijn. “Komaan Camille, ga er op af, vlug!” roepen ze. Nathalie springt mee recht om foto’s te nemen. We hollen een stukje achter de militairen aan en ik geef eentje een tikje op zijn schouder. “Excusez-moi est-ce qu’on peux demander quelques questions? Nous sommes des étudiants de journalisme en Belgique, à la côté flamande.” Dit wordt vanaf nu onze standaard openingszin.

Het eerste trio dat we tegenhouden geeft direct meer info vrij dan dat de politie ons wou geven. “We mogen er niet veel over zeggen, maar het heeft inderdaad te maken met de terreur van de laatste weken en met de nog steeds voorvluchtige Salah Abdeslam.” Maar ze verklappen nog iets wat ons toch verbaasd. Ze zijn hier al sinds de aanslagen van Charlie Hebdo. Dat wil zeggen dat ze hier al sinds vorig jaar 7 januari onophoudelijk de stad bewaken. Op de vraag of er in tussentijd hier dan al iets is gebeurd, zeggen ze dat het in Straatsburg vrij rustig is en dat ze nog niet zijn moeten overgaan tot actie. Daarop vraag ik meteen of het dan niet saai is om hier dag in dag uit te patrouilleren zonder enige interventie. “Dat is onze job, het is toch juist goed dat hier niets gebeurd?” “Natuurlijk”, antwoord ik vlug. Toch denk ik dat ze het stiekem ook wel wat saai vinden.

We gaan terug bij de rest zitten en vertellen alles wat we hebben gehoord. Er komen al snel nieuwe vragen op bij de rest van de groep. Het is leuk dat iedereen enthousiast meedenkt om nog interessantere vragen te stellen. Ik wil nog veel militairen aanspreken. Als iedereen wat info lost, heb ik een volledig beeld. En of ik er veel aanspreek! Zo’n twintigtal militairen heb ik ondervraagd en dit in één straat. Om de 5 à 10 minuten passeren er in het straatje waar we zitten militairen, telkens andere. Sommigen zijn eerder wat verlegen, andere vinden het dan weer heel leuk dat ze eens een babbeltje kunnen slaan tijdens hun werkuren. Ze genieten ook ineens van belangstelling van omstaanders. Telkens we weer een trio ondervragen komen mensen rond ons staan of komen ze ook vragen voor een foto. Soms kwamen er zelfs mensen handjes geven om hen te bedanken. “Het komt vaak voor dat mensen ons bedanken voor ons werk, altijd leuk om te horen”, vermelden ze. Na elk gesprek neemt Nathalie een foto. En op de vraag of ze hun wapen eens op ons wilden richten, krijgen we telkens een resolute 'neen'.

Ineens valt ons nog iets op. Sommige militairen hebben blauwe baretten, andere hebben er rode op. Het verschil is dat de blauwe grondtroepen zijn en degene met een rode baret zijn paracommando’s. Nu met de terreurdreiging helpen de para’s de grondtroepen. Als de grondtroepen niet hier patrouilleren bewaken ze scholen, kerken, moskeeën, synagogen… Met andere woorden: plaatsen waar veel volk bijeenkomt. Ze werken tussen de zes à negen uur. Maar wanneer ze juist beginnen en stoppen vertellen ze ons natuurlijk niet. Dan zou het te makkelijk zijn voor iemand om toe te slaan. De militairen delen ook mee dat hier geen terroristen zijn en het een veilige stad is. Vreemd dat hier dan zoveel controle is, denk ik dan. Hoe ze te werk gaan als ze een terrorist of een verdachte zien, verrast me ook. “We houden de verdachte tegen, ontdoen hem van zijn wapens en bellen dan de politie. Zo ondersteunen we de politie.” Verstomd vraag ik of ze hetzelfde doen moesten ze nu Salah Abdeslam tegenkomen. “Ja, dat blijft hetzelfde”, zeggen ze droogjes. Van alle antwoorden die ik heb gekregen verbaast dit me het meeste. Ik wist niet dat het leger onder de politie stond? Ik had zeker verwacht dat ze mochten schieten. Later in het hotel hoor ik dan van een politieagent dat als een militair Salah ziet, ze dadelijk mogen schieten.

Het laatste trio dat we aanspreken neemt hun werk zeer ernstig. Alsof we een afleidingsmaneuver zijn staat één militair bij ons om met ons te spreken. De andere twee omsingelen ons vanop een afstandje. Ze kijken heel de tijd rondom hun. Ook de militair die bij ons staat is niet scheutig op een gesprek. Hij zegt direct dat hij de gegevens van zijn kapitein kan geven voor verdere info, maar dat hij zelf geen info mag geven. En als hij teken doet aan zijn jongens lopen ze direct verder. Eigenlijk zou elk trio dit moeten doen. Stel je voor dat wij nu écht een afleidingsmaneuver waren geweest!